Wet op de Loonbelasting 1964


De Wet op de loonbelasting 1964 (kortweg Wet LB 1964) regelt in Nederland de loonbelasting die de rijksoverheid heft van werknemers of hun inhoudingsplichtigen, van artiesten, van beroepssporters, van buitenlandse gezelschappen en van (bij of krachtens de wet aangewezen) andere personen.

Naast de wettekst is de verdereuitvoering terug te vinden in het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965.

De inhoudingsplichtige houdt de loonbelasting in de regel in op het loon of de uitkering van de belastingplichtige en betaalt de loonbelasting vervolgens namens hem aan de fiscus. In bepaalde omstandigheden is de inhoudingsplichtige echter de belastingplichtige. Is dat het geval, dan mag de verschuldigde loonbelasting niet op het loon worden ingehouden.

In tegenstelling tot de Inkomstenbelasting gaat de loonbelasting alleen over de heffing over loon en is een afzonderlijke heffing. Vaak kan de loonbelasting volledig afgehandeld worden binnen de heffing van de Inkomstenbelasting. De loonbelasting werkt dan als een voorheffing. Als er verder niets meer te regelen valt in de inkomstenbelasting, dan is de loonbelasting een eindheffing, geregeld door de inhoudingsplichtige. Maar als er naast loon nog andere zaken geregeld moeten worden die onder de Inkomstenbelasting vallen, zoals bijvoorbeeld hypotheekrenteaftrek, of aftrek voor premies voor lijfrenteverzekeringen, dan is het niet de loonheffing niet de eindheffing. De belastingplichtige moet dan nog een aangifte voor de inkomstenbelasting indienen.

Relevante artikelen

  • Muis over: Toont verwante wiki's.
  • Dubbelklik: Ga naar de wiki.
  • Blauw: Beschikbaar na inloggen.
  • Groen: Maakt deel uit van jouw abonnement of een cursus die jij volgt.
  • Rood: Maakt geen deel uit van jouw abonnement of een cursus die jij volgt.